Elk kind is een genie!

In deze door RSA geïllustreerde video vertelt Sir Ken Robinson een samenvatting van een toespraak getiteld Changing Paradigms. Dit gaat over het verband tussen ADHD en gestandaardiseerde testen en het daarbij behorende gestandaardiseerde onderwijs. En hij bespreekt een opmerkelijk onderzoek over creativiteit en genius niveau bij kids en volwassenen aan de hand van een onderzoek over een ‘paperclip’. 

Divergent denken

Robinson vraagt zich af waarom scholen nog steeds zijn gemodelleerd naar een fabriek. Om te illustreren, wat deze wijze van onderwijs voor effect heeft, vertelt Robinson van een onderzoek dat gedaan is naar divergent denken onder kinderen. Een paar jaar geleden is er een onderzoek gepubliceerd over divergent denken. Divergent denken is niet hetzelfde als creativiteit. Hij definieert creativiteit als het voortbrengen van originele ideeën die waarde hebben. Divergent denken is een essentiële bekwaamheid voor creativiteit. Het is het vermogen om een vraag op een heleboel verschillende manieren te beantwoorden en om op een heleboel mogelijke manieren een vraag te interpreteren. Door niet lineair te denken of convergent, maar om meerdere antwoorden te zien.

Paperclip

Om een inschatting over de mate van divergent denken te maken, zijn hiervoor testen ontwikkeld. In dit longitudinale onderzoek is een test gedaan met 1500 peuters en kleuters die toen 3-5 jaar waren. Gedurende hun leven is dezelfde vraag opnieuw gesteld op de leeftijd van 8-10 jaar, 13-15 jaar en toen ze volwassen waren: “Hoeveel toepassingen kun je bedenken voor een paperclip?” De meeste volwassen mensen komen met 10 of 15 mogelijkheden. Mensen die hier erg goed in zijn komen op 200 toepassingen. Dat wordt genius niveau genoemd.  Zij doen dit door bijvoorbeeld te zeggen: Zou de paperclip 100 meter hoog kunnen worden gemaakt en van schuimrubber?

Genie niveau

De vraag is nu: welk percentage van de kleuters en peuters die getest zijn, scoorden op divergent denken het niveau van genie? Dus meer dan 200 oplossingen? Dus welk percentage had het niveau van geniaal? Maar liefst 98%! Dezelfde kinderen werden vijf jaar later opnieuw getest toen ze 8 tot 10 jaar oud waren: toen was de 98% gedaald tot 50%. Vijf jaar later werden ze opnieuw getest  op de leeftijd 13-15 jaar en niveau ook verder gedaald. De laatste test waren 200.000 volwassenen van 25 jaar of ouder voor de controle. En die kwamen dus met 10-15 oplossingen…

Ontleren

Er zijn een boel dingen gebeurd met deze kinderen terwijl ze opgroeiden. Maar een van de belangrijkste dingen die hen is overkomen, is Sir Ken van overtuigd dat ze geschoold zijn. Ze hebben tien jaar lang op school te horen gekregen, dat er vaak maar één antwoord mogelijk is. Scholen, onderwijs, toetsen, curricula en alles wat erbij hoort, is zo vorm gegeven dat de échte creativiteit niet uit de verf komt. Dit is een van de redenen om heel kritisch te kijken waar het kind in zijn jonge leven opgroeit en onder welke omstandigheden. Hoe kun je wel en soms juist niet een contextrijke omgeving creëren? Hoe kun je vertrouwen hebben en houden in het kind dat zich op zijn eigen unieke manier ontwikkelt? Vaak begint dat niet bij het kind, maar juist bij de ouder, de volwasse. Wat hebben ouders en volwassenen nog te leren en vooral te ontleren?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.